Dividend uitkeren in 2026: het VVPR-bis-tarief stijgt binnenkort naar 18%

Seppe Sels

Dividend uitkeren in 2026: het VVPR-bis-tarief stijgt binnenkort naar 18%

Seppe Sels

Abonneer je gratis op onze newsflashes

Nieuws uit de fiscale wereld? Ontvang het rechtstreeks in je mailbox!

Een winstgevende vennootschap kan haar nettowinst uitkeren aan de aandeelhouders via een dividend. Daar hangt een prijskaartje aan vast, en dat prijskaartje wordt in 2026 hoger. Het verlaagde VVPR-bis-tarief stijgt van 15% naar 18%. Wie nog van het oude tarief wil profiteren, doet er goed aan de timing goed in de gaten te houden.

De basis: 30% en twee testen

Keer je een gewoon dividend uit, dan houdt je vennootschap in principe 30% roerende voorheffing in en stort die door aan de fiscus. Voor een vennootschap komen daar twee controles bij. Voor je een dividend mag uitkeren, moet je vennootschap slagen voor de netto-actieftest en de liquiditeitstest. Kort gezegd: de uitkering mag het eigen vermogen niet uithollen, en je moet je rekeningen daarna nog vlot kunnen betalen.

VVPR-bis: van 15% naar 18%

Kleine vennootschappen kunnen onder voorwaarden genieten van het VVPR-bis-stelsel. Daarmee keer je dividenden uit aan een verlaagd tarief in plaats van de volle 30%. Tot nu was dat 15% roerende voorheffing.

Via de programmawet stijgt dat tarief naar 18%. De verhoging treedt in werking op de eerste dag van de maand na de publicatie in het Staatsblad. Een exacte datum is er nog niet, maar ze valt ten vroegste op 1 juli 2026. Tot dan kan een kleine vennootschap nog uitkeren aan 15%, en het verschil tussen beide tarieven loopt op grotere bedragen flink op.

Heb je nog uitkeerbare reserves staan en plande je sowieso een dividend? Dan is dit het moment om de timing met je boekhouder te bekijken, zodat je de uitkering nog onder het lagere tarief kan laten vallen.

Vergeet de liquidatiereserve niet

Naast VVPR-bis blijft de liquidatiereserve een interessante piste, zeker voor kleine vennootschappen. Bij de aanleg betaalt je vennootschap een anticipatieve heffing van 10%. Keer je de reserve later uit als dividend, na de wachttermijn van drie jaar, dan komt daar nog roerende voorheffing bij. Ook hier schuift de gecombineerde druk op richting 18% voor reserves die je vanaf eind 2025 aanlegt.

Een groot voordeel blijft wel overeind: keer je de liquidatiereserve pas uit bij de vereffening van je vennootschap, dan is er geen extra roerende voorheffing meer verschuldigd. Voor wie op lange termijn plant, blijft dat een sterke troef.

Plannen loont meer dan improviseren

Er bestaat geen kant-en-klaar antwoord op de vraag hoe je het best winst uit je vennootschap haalt. Het hangt af van je reserves, je tijdshorizon en je persoonlijke situatie. Een doordachte mix van loon, VVPR-bis-dividend, liquidatiereserve en de jaarlijkse vrijstelling, waarbij je een eerste schijf dividenden via je aangifte kan terugvragen, levert vaak meer op dan één enkele techniek. Goed fiscaal advies weegt dat allemaal tegen elkaar af.

Bij FinCraft rekenen we de scenario’s voor je uit voor je beslist. Met 14 jaar ervaring en Certified Tax Accountants in huis weten we waar de optimalisaties zitten, en, even belangrijk, waar de valkuilen liggen. Wil je weten of je nog snel aan 15% kan uitkeren of hoe je je dividend- en vermogensstrategie het best aanpakt? Vraag een adviesgesprek aan en laat ons je situatie bekijken.

Newsflash
GKS 2.0 wordt verplicht voor de horeca: dit zijn de deadlines
Dividend uitkeren in 2026: het VVPR-bis-tarief stijgt binnenkort naar 18%
IBAN-naamcheck: waarom jouw klanten plots een waarschuwing krijgen bij betaling
Sociale bijdragen en voorafbetalingen: wat verandert er voor zelfstandigen in 2026?
  • Home
  • Diensten
  • Over
  • Vacatures
  • Newsflash